
Soms gebeurt het dat je verwijten naar je hoofd geslingerd krijgt. Iets wat je verkeerd hebt gedaan of juist niet gedaan hebt. Voor mijzelf probeer ik dan uit te vinden waarop ik iets kan verbeteren en als het onterecht is, dan schuif ik het van me af. Maar soms is het moeilijk als je iets hebt waar je niets of nauwelijks aan kunt doen. Dan word je onrustig. Dit had ik pas geleden nog meegemaakt. Ik dacht steeds: “Ja, ik heb daar nog steeds niet aan gewerkt, dat is nog niet goed, en dit moest eigenlijk zo”.
Ik heb toen tot God gebeden: “Wat moet ik nou doen?” Toen stelde Hij mij totaal onverwachts de vraag: “Waarom maak je jezelf verwijten?”
Toen goed me vroeg waarom ik mezelf verwijten maak moest ik echt even twee keer nadenken. Hmm… waarom eigenlijk? De eerste gedachte die in mij opkwam is: perfectionisme: ik wilde altijd alles perfect doen en een goed voorbeeld zijn. “Ja”, zei ik tegen Hem, “die twee zaken zijn toch belangrijk. Oké, met perfectionisme moet ik niet doorschieten, natuurlijk, ik besef en accepteer ook dat ik niet perfect ben”.
Toen vroeg Hij weer aan mij: “Waarom maak je dan jezelf verwijten?”
Toen realiseerde ik het me: ik hoef eigenlijk helemaal niet perfectionistisch te zijn! We maken immers altijd wel een fout. Dat is menselijk.
God zei: “Dat klopt. En wat heb je nu aan die verwijten?”
Ik besefte dat het frustrerend werkt als ik steeds terugkijk naar mijn fouten en dingen die ik niet gedaan heb die ik eigenlijk wel had moeten doen. Ik zei tegen Hem: “Het is dan toch zo dat je niet moet verwijten, maar juist van je fouten moet leren? Dan moet ik het vanaf nu niet meer doen of laten”.
Aha. Veranderen. Aanpakken.
Met verwijt kom je geen steek verder. En het schoot mij te binnen dat God ook niet zo is.
Voordat ik uitgedacht was, sprak God weer tot mijn hart: “Je bent mijn kind. Het heeft totaal geen zin om jezelf verwijten te maken. Verwijten maken doe Ik niet, dat zit niet in mijn karakter. De duivel maakt misbruik van aanklacht om je naar beneden te halen. Onthoud dat mijn gedachten over jou gedachten van vrede zijn en niet van onheil, zolang je in mijn wegen wandelt en je hart volkomen naar Mij uitgaat. Ik houd ervan dat je bereid bent om zaken aan te pakken. En ik help je overal bij, met al die dingen waar je moeite mee hebt en of je moeilijk vindt om te veranderen”.
Mensen kunnen altijd wel een vlekje aanwijzen. Je hoeft je niet te laten opjutten. En je hoeft dus jezelf ook niet aan te klagen! De satan probeert twijfel te zaaien in onze relatie met God. Aanklacht is een van zijn verfoeilijke wapens.
Jezus heeft ons vrijgekocht van zonde (Johannes 3:18) en als wij in geloof werken doen met onze berouw in overeenstemming (Handelingen 26:20), dan zijn we echt vrij!
Geen probleem is te groot voor God. En met Hem staan we nooit alleen.
1 Johannes 3:19-22 (NBV)
Hieraan zullen wij onderkennen, dat wij uit de waarheid zijn en voor Hem ons hart overtuigen, dat, indien ons hart (ons) veroordeelt, God meerder is dan ons hart en kennis heeft van alle dingen. Geliefden, als ons hart ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid tegenover God, en ontvangen wij van Hem al wat wij bidden, daar wij zijn geboden bewaren en doen wat welgevallig is voor zijn aangezicht.