Ons aandeel in redding

Dit is aflevering 1 van een serie over redding. Hoe weet je nou of je gered bent?
Vorige week had ik het al beloofd: ik zou een serie beginnen over redding. Ik hoop vandaag het één en ander duidelijk te kunnen maken.
Ik denk dat het goed is om jezelf af te vragen: Hoe weet ik nu eigenlijk of ik gered ben? Daarmee kun je ontdekken dat je misschien fout zit, maar mooier nog, heel veel zekerheid krijgen over je redding. Paulus zegt dan ook: “Stel jezelf op de proef, of je wel in het geloof bent. Of ben je er niet zo zeker van, dat Jezus Christus in je is? Want anders ben je verwerpelijk (2 Korintiërs 13:5,6)”.
Voordat we ons af kunnen vragen of we gered zijn, is het eerst de vraag: Wat kunnen wij doen om gered te worden? Wat is ons aandeel in het proces? Dan kun je mooi jezelf onderzoeken of je deze dingen wel hebt gedaan. De tweede vraag is: Wat doet God in ons leven als wij gered worden? Ook dit kun je weer onderzoeken: Heeft God die dingen wel echt in mijn leven gedaan?

Ik heb met behulp van mijn eigen hersenen en een foldertje uit mijn kerk een aantal Bijbelteksten opgezocht die hiermee te maken hebben. Vandaag probeer ik de eerste vraag te beantwoorden: Wat kunnen wij doen om gered te worden?
- Je moet als een kind worden, je moet dus je leven aan God toevertrouwen en in zijn handen leggen (Matteüs 18:3).
- Je moet het evangelie geloven. Toen Jezus namelijk het geloof zag van de verlamde, zei Hij tot hem: “Kind, je zonden worden vergeven (Marcus 2:5)”. En in de eerste brief van Petrus schrijft de apostel dat we gered zijn door “gehoorzaamheid aan de waarheid†(1 Petrus 1:33). Geloof én verandering dus.
- Je moet je namelijk ook bekeren, dat is een verandering van denken. Je verandert je houding ten opzichte van zonde (je keert je ervan af) en je richt je op God (je bekeert je tot Hem dus). Je moet spijt, berouw, hebben van je zonde en over het feit dat je tot nu toe zonder God hebt geleefd. Dit is de eerste preek die Petrus preekte in de eerste kerk: “Kom dan tot berouw en tot bekering (Handelingen 3:19)!” Sterker nog, voor de eerste gemeente er was, preekte Johannes de Doper al bekering.
- Geloof en bekering zijn belangrijk, maar het is ook belangrijk hardop je geloof te uiten tot God. “Want als je met je mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met je hart gelooft, dat God Hem uit de dood heeft opgewekt, zul je gered worden, want met het hart gelooft men tot gerechtigheid en met de mond belijdt men tot redding (Romeinen 10:9)”.
Heb je de toets doorstaan? Lees dan volgende week de volgende stap: Wat doet God in ons leven als wij gered worden?
John MacArthur
Dodelijke emoties
Bedrog
The Attributes of God
Vice Verses
Einde van het begin
Meisje 1 mei 2010 om 17:48
Ik ben het ermee eens dat je gered wordt door oprecht geloof in Jezus. Maar hoe interpreteer je dan het gedeelte uit Mattheus 25:31-46, waarin Jezus het heeft over de scheiding van de bokken (die naar de hel gaan) en de schapen (die naar de hemel gaan)? In dat gedeelte lijkt het dat je redding van daden afhangt: hongerigen voeden, vreemdeling huisvesten, naakten kleden, zieken bezoeken, gevangenen opzoeken, etc. Ik vind dat altijd een moeilijk punt, want er zijn christenen die dit niet doen en er zijn ongelovigen die wel veel hulp aan andere mensen bieden.