De basis van wijsheid
Toen ik laatst de Bijbel aan het lezen was werd mijn aandacht gegrepen door een gedeelte uit Spreuken: “De vrees voor de Heer is het begin van de kennisâ€. Lijkt alsof je pas wijsheid krijgt als je angst hebt voor God. Klinkt een beetje raar vind je niet?
Angst is de verkeerde betekenis van het woord ‘vrees’ in verband met God. De juiste betekenis is ‘het hebben van eerbied en ontzag voor God’. Dan begint het echt een andere zin te worden, toch? Ontzag en eerbied voor God is het begin van kennis. Dus wil je wijzer worden, dan zul je eerst ontzag, eerbied en respect voor God moeten hebben.
Het is ergens wel logisch. Iemand kan alle wijsheid hebben in de wereld, maar wat heb je eraan als je geen ontzag voor God hebt? Op het einde van het verhaal sta je toch voor Gods troon. Wat zeg je dan? Ik heb alle wijsheid in de wereld, maar voor U had ik geen ontzag. Daar kom je niet erg ver mee.
Denk er eens over na: heb je altijd ontzag en eerbied voor God? Denk hierbij aan de diensten, of momenten van gebed, zoals de bidstond. Kan er gezegd worden dat jij ontzag voor God hebt? Ga jij met respect om met de momenten voor God? Salamo, een enorm wijs man, heeft één van de mooiste slotzinnen geschreven die ik ken, en daarmee sluit ik ook.
Prediker 12:13
Van al het gehoorde is het slotwoord: Vrees God en onderhoud zijn geboden, want dit geldt voor alle mensen.
John MacArthur
Dodelijke emoties
Bedrog
The Attributes of God
Vice Verses
Einde van het begin
Thobias 21 april 2010 om 11:08
Op zich vind ik je verwoording mooi, maar is eerbied en ontzag niet net ‘de 2e stap’? Ik denk dat angst wel degelijk de basis is. De engelse term ‘god-fearing’ people verwijst ook al naar angst. Volgens mij is angst de basis, vanwege het volgende:
Stel, je bent een mens en je weet niet wat er gebeurt na de dood. Je vreest het eindigen van je leven en de ‘leegte’ die je niet kunt bevatten die er dan ontstaat. Vervolgens is er God en het geloof waar je kontakt mee krijgt. het geloof vertelt (oa.) over God en zijn oordeel. De dood en dat onbevattelijke wat er na volgt wordt kort een synoniem met God, dus de angst verplaatst je mee. Vervolgens leer je dat je je als mens een bepaalde manier van denken, voelen en leven zult moeten toe-eigenen, het moeten ‘menen’ en deze manier met liefde en toewijding moet (moeten = niet het goede woord, maar een alternatief komt zo snel niet bij me op) uiten. Je twijfelt of je hier wel aan voldoet en of je toewijding en liefde wel genoeg zijn om je in Gods koninkrijk te mogen voegen, en of je in het verleden niet onvergefelijk gezondigd hebt. Tot hier, is er vrees. Dan ontstaat de kennis, je begrip; waar gaat het nu eigenlijk écht om? Vanaf dat moment geldt wat mij betreft het stuk van Michael.
De management samenvatting: Het begint met de vrees voor het onbekende.